.

HET NAZAAD VAN DAVID
NIEUWTIJDSE PSALMEN
€ 15,- (EXCLUSIEF € 2,- VERZENDKOSTEN)
ALLEEN TE BESTELLEN VIA E-MAIL OF TELEFOON - (036 5321588)

Voorwoord

Er zijn heel veel psalmberijmingen, heel veel psalmvertalingen en  heel veel vrije bewerkingen, en al die teksten zijn te herleiden tot de 150 psalmen uit het Bijbelboek Psalmen, die voor het gemak, ook al is duidelijk dat ze van verschillende schrijvers zijn,  zijn toegeschreven aan Koning David. 
De 58 psalmen in deze bundel zijn weliswaar nieuw, maar ze hadden niet geschreven kunnen worden als David het voetspoor niet had gelegd. Vandaar de naam.
Deze nieuwtijdse psalmgedichten hebben een boodschap, een moraal, zoals de meeste psalmen van David dat hebben, maar ze zijn tegelijk speels en talig: zwaar en licht tegelijk.

Voor wie dat niet wist, ik ben ook beeldend kunstenaar. Ik maak vaak collages– plaatjes knippend en plakkend. Ik blader dan door tijdschriften en boeken en laat me inspireren door foto’s die ik tegenkom, knip ze uit en combineer ze met andere foto’s. Zo ontstaan er vervreemdingen, werelden die lijken op de echte wereld, maar toch onwerkelijk zijn, in spanning met het herkenbare. De nieuwtijdse psalmen zijn  eigenlijk ook collages. Ik heb bij het schrijven ervan gebruik gemaakt van het woordenboek. Ik bladerde erdoorheen, op zoek naar woorden die ik kon gebruiken, naar woorden die op een vervreemdende manier pasten bij andere woorden.  

In kloosters worden vaak psalmen gezongen. De kloostergemeenschap is dan verdeeld in twee groepen en die zingen om en om, alsof ze met elkaar in gesprek zijn. In het boek waaruit ze zingen ziet het er zo uit: de zinnen van de ene groep staan tegen de kantlijn, de zinnen die de andere groep moet zingen, springen  een beetje in. Die vorm heb ik overgenomen. Het geeft de gedichten een overzichtelijkheid en een lichtheid die ik mooi vind.
Niet bedoeld om te zingen, maar wie weet wat nog komt.

H.W.





21
 
We schrikken ons het apelazarus
   van het apegapen moment
dat de dood roet gooit in ons leven.
   Maar als de laatste loodjes glimlach
op ons koud gezicht gegrift staat en we opstaan
   als Gods apengatje, dan geven we
graag ons lichaam aan de zwaartekracht
   en laten het ivoorzwart
van gisteren zinken
   in het zinkwit van morgen.