| Land van mannen (Bij een tekening van Jeffrey Klein) Vroeger waren er veel, meer dan genoeg. Ongemerkt werden ze schaars en onverwachts waren ze weg, de mannen. Alleen vrouwen bleven over, jonge, grijze, meisjes, ontmand, onthand, niemand meer om mee te rijmen. Ze rouwden een maand, kleedden zich in droevig zwart. Toen droogden ze hun tranen en bouwden een schip, een ark met als lokkend boegbeeld naakte vrouwen. Ze voeren de zee op. Op de eerste dagen was het stil, geen wind, geen teken van leven, maar op de twaalfde dag stak de wind op, verfrissend en zout. Toen wisten de vrouwen dat ze zouden vinden wat ze zochten. |
![]() |