Ode aan het toeval

Het lijkt soms alsof je niet bestaat,
zoals alles in elkaar schuift
en het een zo voortreffelijk past
in het andere. Dan denken we
dat er wel een god of lot moet zijn
met een alles overweldigend plan,
waarin het leven en de dood bepaald is:
dat mensen elkaar na jaren op die ene dag
ontmoeten, de woorden zeggen
die lang van te voren zijn bedacht,
of dat op een goed of slecht moment
een auto komt te rijden op een plek
waar dan ook een ander net moet zijn;
of een rakelingse seconde verder.
Maar ook het vallen van een zaadje
op de handpalm van de wind, zodat
het meewaait tot de plek
waar het een lente later zal ontkiemen.
Zo moest het zijn, zeggen we dan,
in een poging om jou te vergeten.
En soms lukt dat. Juist dan
was je meesterlijk.